Mijn onvrijwillig verblijf in de psychiatrie: dag 10, 11 en 12

Maandag zei ik tegen de verpleging dat ik van het mooie weer wilde profiteren met de fiets. Het antwoord was dat ik nog geen vrijheden had. Ik mocht zelfs de deur niet uit. Met uitzondering van het terras en privétuin.

Ik kan mij niet herinneren dat ik mijn vrijheid ooit vrijwillig zou hebben afgestaan. Men zei dat de rechter opdracht gegeven zou hebben “om voor mij te zorgen”. Alsof ik die vrederechter ooit het recht zou gegeven hebben om mij te berechten. Blijkbaar kent die vrederechter de mensenrechten niet. Mocht dat toch het geval zijn, dan veegt hij ze alle 30 aan zijn laars. Foei. Hij moest zich diep schamen. Ik noem zoiets slavernij. En dat is een schendig van het statuut van rome, artikel 7, paragrafen 1c en 2c.

Wie de mensenrechten nog niet zou kennen, kan ze hier terugvinden.

Voor alle duidelijkheid: alle 7,5 miljard mensen hebben elk exact evenveel rechten en plichten. Niemand heeft het recht om over een ander te heersen, laat staan om over wat voor aspect dan ook van iemand anders’ leven te beslissen. Je kan er hooguit een mening over hebben.

Voor je iemand kan dwingen om iets of iets niet te doen of om iets te dulden moet één van volgende voorwaarden vervuld zijn:
1) je moet eigenaar zijn van diens lichaam.
2) er moet een contract zijn tussen beide partijen.
Dat eerste noemen we slavernij, en dat is verboden. En dat tweede is er helemaal niet.

Mij tegenhouden in mijn ontwikkelingsproces is absoluut geen goed idee. Wie dat probeert kan vroeg of laat wel eens het deksel op zijn/haar neus krijgen.

Dat gedwongen karakter van die opname begint zo stilletjes aan op mijn systeem te werken.

Dinsdagavond vernomen dat ik eindelijk buiten mag, vrij op het domein, daarbuiten na toelating. Nu maar hopen dat ik mijn faillissement op een fatsoenlijke manier kan regelen.

Morgen maak ik mijn gehuurde postbus leeg in Torhout en zie ik ook nog mijn moeder. Ik had haar gevraagd om mijn zomerjas bij haar op te halen. Gezien dat ze in Veldegem moest zijn, leek het beter om in Torhout af te spreken. Des goedkoper voor mij. Dat kan pas doorgaan als ze hier de toelating voor geven. Alsof ik gevaarlijk zou zijn.

Vrijdag ga ik misschien de nodige facturen ophalen. Daarop staan de adressen van leveranciers. Die heb ik nodig om mijn faillissement te kunnen regelen.

Wordt vervolgd …

Advertenties